De R-ladder is een ranglijst van tien circulariteitsstrategieën, gerangschikt van meest naar minst circulair. Hoe hoger de stap die je kiest, hoe minder nieuwe grondstoffen je verbruikt. Zo bepaal je eerst hoe circulair je nu met afval omgaat, en zet je daarna gericht stappen om hoger op de ladder te komen.
In dit artikel lees je wat de R-ladder precies inhoudt, hoe die verschilt van de Ladder van Lansink, en hoe je 'm toepast op je eigen afvalstromen.
Wat is de R-ladder?
Er zijn verschillende R-ladders in omloop: de Rijksoverheid hanteert een model met 6 treden, andere partijen gebruiken er 8 of 10. Wij kiezen voor het meest uitgebreide model, de 10R-ladder, omdat die je de meeste sturingsmogelijkheden geeft.
Wat is het verschil tussen de R-ladder en de Ladder van Lansink?
Het grootste verschil tussen de Ladder van Lansink en de R-ladder is dat de eerste een
lineair afvalmodel is, en de tweede een circulair afvalmodel.
Bij de Ladder van Lansink is het doel afval zo duurzaam mogelijk te verwerken. Grondstoffen bewegen zich in één lijn van product naar afval: je maakt iets, je gebruikt het en aan het eind wordt het weggegooid. Storen en verbranden staan onderaan op de ladder omdat ze de minst duurzame opties zijn.

Bij de R-ladder is het doel dat grondstoffen in de keten blijven, oftewel nieuwe grondstoffen worden. Zodat er uiteindelijk geen afval meer is. Bovenstaande afbeelding (rechts) laat het verschil mooi zien.
Wat zijn de 10 treden van de R-ladder?
Het 10R-model dat wij hanteren is gebaseerd op het raamwerk van het PBL (Planbureau voor de Leefomgeving) en Universiteit Utrecht. Hierbij is het belangrijk op te letten op het volgende: trede 1 is de meest circulaire strategie, trede 10 de minst circulaire. Bij de uitleg hieronder beginnen we daarom bij trede 1.
De 10 treden van de R-ladder zijn:
- Refuse & Rethink: onnodig grondstoffengebruik voorkomen
- Reduce: grondstoffen efficiënter ge- en verbruiken
- Redesign: bestaande producten circulair herontwerpen
- Re-use: bestaande materialen volwaardig hergebruiken
- Repair: bestaande producten (beter) onderhouden of repareren
- Refurbish: (delen van) bestaande producten herstellen of vernieuwen
- Remanufacture: (delen van) afgeschreven producten gebruiken voor nieuwe
- Repurpose: bestaande producten hergebruiken voor iets anders
- Recycle: bestaande materialen verwerken en hergebruiken
- Recover: energie terugwinnen uit gebruikte grondstoffen
Hieronder laten we per trede zien hoe die er in de praktijk uitziet. We gebruiken daarbij vooral de verpakkingsindustrie als voorbeeld: hoe mooi zou het zijn als we in de toekomst verpakken zonder dat er afval overblijft, omdat we materialen steeds weer hergebruiken?

1. Refuse & Rethink: onnodig grondstoffengebruik voorkomen
Circulair verpakken begint met 1 eenvoudige, maar cruciale vraag: Is verpakken écht nodig?
In veel gevallen hoeft het misschien helemaal niet. Denk aan speelgoed met allerlei onderdeeltjes, waarbij ieder onderdeeltje apart in plastic verpakt is. Of wat dacht je van groente en fruit? Mandarijntjes worden bijvoorbeeld vaak ook in plastic gehuld, terwijl ze prima los te verkopen zijn. Maar als het antwoord op de vraag 'ja' is, maak dan circulariteit hét uitgangspunt met de volgende vragen:
1. Hoe zorgen we ervoor dat de verpakking steeds maar weer hergebruikt kan worden?
2. Hoe gebruiken we zo duurzaam en/of circulair mogelijke materialen?
2. Reduce: grondstoffen efficiënter ge- en verbruiken
Bij deze trede staat de volgende vraag centraal: Hoe verpakken we met zo min mogelijk primaire grondstoffen en CO2-uitstoot? Kan de verpakking dunner? Kleiner? Je hebt vast ook weleens iets online besteld dat in een véél te grote doos werd bezorgd. Maar ook de verpakking van producten zelf is vaak overdreven groot. En dat kost dubbel: er gaat meer materiaal in de verpakking zelf, én een grotere doos betekent dat er minder pakketten tegelijk in een vrachtwagen passen. Er zijn dan meer ritten nodig om dezelfde hoeveelheid producten te vervoeren, en dus meer CO2-uitstoot. Kortom: minder lucht verpakken bespaart niet alleen materiaal, maar ook transportritten.
3. Redesign: bestaande producten circulair herontwerpen
Hier gaat het ook om herontwerpen met de eindgebruiksfase in zicht: hoe kun je al in het ontwerp rekening houden met makkelijke reparatie of het vervangen van een onderdeel, zodat het geheel langer in gebruik kan blijven.
4. Re-use: bestaande materialen volwaardig hergebruiken
De verpakkingsindustrie zou meer hervulbare verpakkingen kunnen ontwerpen. Gelukkig zien we dit ook steeds meer gebeuren.
Een voorbeeld van Re-use uit de praktijk van Milgro: Wij hielpen AkzoNobel met het zuiveren en daarna hergebruiken van hun spoelwater. Wij kenden daar een partij voor, die AkzoNobel anders, in hun eigen woorden, 'nooit op het spoor was gekomen'. Hier komt de kracht van ons netwerk naar voren: wij kenden beide partijen, en verbonden ze aan elkaar. Zodat er nu veel minder water verbruikt wordt. Lees meerover deze case.
5. Repair: bestaande producten (beter) onderhouden of repareren
Welke onderdelen van het verpakkingsmateriaal kunnen (beter) onderhouden of gerepareerd worden, om de levensduur (aanzienlijk) te verlengen? Dat is immers duurzamer dan nieuw materiaal maken. Daarnaast kunnen bedrijven hun houten pallets (laten) repareren, in plaats van steeds nieuwe aanschaffen.
Een voorbeeld van Repair uit de praktijk van Milgro: Zelf zijn we ook scherp op reparatie en onderhoud van onder andere machines die wij gebruiken. Bijvoorbeeld onze perscontainers: die laten we zo goed mogelijk onderhouden. Zo maximaliseren we hun levensduur. Daarnaast zetten we gereviseerde persen in, en laten persen zélf reviseren.
Een ander voorbeeld van Repair uit de praktijk van Milgro: Bij ons op kantoor laten we versleten kantoorstoelen tegenwoordig repareren in plaats van vervangen. Een nieuw kussen, andere bekleding of een gerepareerde armleuning geeft een stoel zo weer jaren extra leven. Dat scheelt: jaarlijks wordt er volgens het Europees Milieubureau zo'n 10 miljoen ton kantoormeubilair weggegooid, vaak alleen omdat één onderdeel versleten is. Lees meer over hoe we dit aanpakken.
Lees ook
Zero Waste office: kantoorstoelen
6. Refurbish: (delen van) bestaande producten herstellen of vernieuwen
Is een verpakking écht onbruikbaar? Of kan het hersteld en/of vernieuwd worden? Als het antwoord 'ja' is, hoeft er geen nieuw verpakkingsmateriaal gemaakt te worden. Een eenvoudig voorbeeld is de jerrycan: maak die schoon, en die kan direct opnieuw gebruikt worden.
7. Remanufacture: (delen van) afgeschreven producten gebruiken voor nieuwe
Zelfs als verpakkingsmateriaal deels afgeschreven is, is het niet per se 'afval'. Vaak zijn er onderdelen die nog níet afgeschreven zijn. Die kunnen dan gebruikt worden voor (deels) nieuwe verpakkingen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het zeeppompje. Als het pompje kapot is, hoeft natuurlijk niet de hele fles weg. Er hoeft alleen maar een nieuw pompje op!
8. Repurpose: bestaande producten hergebruiken voor iets anders
Komen er grondstoffen of materialen vrij uit verpakkingen? Dan hoeft dat lang niet altijd afgevoerd te worden. Vaak kan het materiaal elders weer gebruikt worden voor delen van andere verpakkingen. Een goed voorbeeld is piepschuim, dat uitstekend geschikt is als isolatiemateriaal wanneer het tot blokken geperst wordt.
9. Recycle: bestaande materialen verwerken en hergebruiken
Recycling van materialen betekent: ze verwerken tot nieuwe grondstoffen, waarvan nieuwe verpakkingen of andere producten gemaakt worden. Soms van dezelfde kwaliteit, soms van lagere. Dit is wat we vroeger als het toppunt van duurzaamheid zagen. Nu zien we het als een van de minst circulaire vormen van omgang met grondstoffen. Toch is het belangrijk dat we dit blijven doen tot er betere oplossingen zijn. Daarom is het goed dat we doorgaan met de inzameling van papier en karton.
10. Recover: energie terugwinnen uit gebruikte grondstoffen
Is verpakkingsmateriaal écht niet meer bruikbaar volgens de strategieën van de bovengenoemde 9 treden? Dan kan er altijd nog een bepaalde mate van energie uit teruggewonnen worden. Of denk aan hout, dat verbrand kan worden in een biomassacentrale. De vrijgekomen energie wordt dan hergebruikt, meestal voor warmtelevering aan een warmtenet. Het moge duidelijk zijn: terugwinning is de laagste vorm van circulariteit.
Op zoek naar meer praktijkvoorbeelden?
Bekijk onze klantcases en ontdek hoe organisaties zoals AkzoNobel de R-ladder al toepassen op hun eigen afvalstromen.
Veelgestelde vragen over de R-ladder
De 10 R's zijn, van meest naar minst circulair: Refuse & Rethink, Reduce, Redesign, Re-use, Repair, Refurbish, Remanufacture, Repurpose, Recycle en Recover. Elke R staat voor een strategie om grondstoffen langer in de keten te houden. Hierboven lees je per R hoe die er in de praktijk uitziet.
De Ladder van Lansink is een lineair model: grondstoffen bewegen van product naar afval, met storten en verbranden als laatste opties. De R-ladder is een circulair model: het doel is dat grondstoffen in de keten blijven, zodat er uiteindelijk geen afval meer overblijft.
Nee, de R-ladder zelf is geen wettelijke verplichting maar een strategisch model om circulariteit te structureren. Wel duwt steeds meer regelgeving bedrijven richting de hogere treden, zoals de PPWR (de Europese verordening voor verpakkingen en verpakkingsafval, sinds 12 augustus 2026 van kracht) en het Nationaal Programma Circulaire Economie (NPCE 2023-2030).
Recycling staat op trede 9, bijna onderaan de ladder. Het kost energie om materialen te verwerken tot nieuwe grondstoffen, en gaat vaak gepaard met kwaliteitsverlies. Hogere treden zoals voorkomen, hergebruiken en repareren besparen meer grondstoffen en zijn daarom circulairder.
Breng eerst in kaart waar je nu op de ladder zit per afvalstroom. Kijk vervolgens naar een realistische eerstvolgende stap omhoog, in plaats van meteen naar de top te springen.
Op de hoogte blijven
Volg ons op LinkedIn. Hier delen we het laatste nieuws over regelgeving, circulaire thema's en ontwikkelingen uit de branche. Abonneer je daarnaast op de nieuwsbrief en beluister onze podcast Grondstof tot nadenken tijdens een wandeling of onderweg. Benieuwd wat Milgro voor jouw bedrijfsvoering en afvalproces kan betekenen? Neem dan contact op.






