Wanneer ontstaat bouwafval? Duurzaam bouwen begint niet bij de uitvoeringsfase. Vraag een willekeurige bouwprofessional waar afval ontstaat en de kans is groot dat het antwoord toch daarnaar verwijst. Naar containers die vollopen, verpakkingen die worden afgevoerd en restmaterialen die achterblijven nadat het werk is afgerond.
Toch begint het verhaal veel eerder. Op het moment dat de eerste container op een bouwplaats verschijnt, zijn veel van de belangrijkste keuzes al gemaakt. Er is bepaald welke materialen worden toegepast, hoeveel verpakkingsmateriaal meekomt, welke maatvoering wordt gebruikt en hoe materialen worden geleverd. Daarmee ligt vaak al grotendeels vast welke reststromen zullen ontstaan.
Dat maakt bouwafval een ander vraagstuk dan vaak wordt gedacht. Niet omdat afval op de bouwplaats onbelangrijk is, maar omdat veel afvalkosten hun oorsprong vinden voordat de uitvoering überhaupt begint.
Wanneer ontstaan de meeste afvalkosten op een bouwplaats?
Veel afvalkosten ontstaan al vóór de uitvoering. Ontwerpkeuzes, materiaalkeuzes, verpakkingen, logistiek en leveranciersafspraken bepalen welke reststromen ontstaan, hoeveel materiaal verloren gaat en welke stromen hoogwaardig kunnen worden hergebruikt of gerecycled. Daardoor ontstaan de grootste kansen om afval te voorkomen vaak voordat de eerste paal de grond in gaat.
Hoe kan het dat tot 70% van een bouw- en sloopcontainer nog waarde heeft?
Een van de meest opvallende inzichten uit de blauwdruk voor de afvalloze bouwplaats is dat tot circa 70% van de inhoud van een gemengde bouw- en sloopcontainer bij nascheiding nog gered kan worden van verbranding. De resterende stroom is vaak te vervuild geraakt om nog hoogwaardig te verwerken.
Dat gegeven roept een interessante vraag op.
Wanneer zoveel materiaal technisch gezien nog bruikbaar is, ligt het probleem dan werkelijk bij afvalverwerking?
Of moeten we eerder kijken naar de keuzes die ervoor hebben gezorgd dat deze materialen samen in één container zijn beland?
Een bouw- en sloopcontainer vertelt namelijk meer dan alleen hoeveel afval ontstaat. Hij laat ook zien waar materiaalwaarde verloren gaat.
Waarom zijn veel afvalkosten eigenlijk ontwerpkosten?
Dat klinkt misschien als een stevige uitspraak, toch wordt die conclusie steeds relevanter.
Veel organisaties richten hun aandacht op afval wanneer de uitvoering al is gestart. Er worden extra containers geplaatst, medewerkers krijgen instructies en afvalstromen worden beter gescheiden. Dat helpt zeker!
Maar volgens de blauwdruk voor de afvalloze bouwplaats ontstaat de grootste invloed eerder. In het ontwerp. In het bestek. In aanbestedingen. In materiaalkeuzes. En in afspraken met leveranciers.
Daar wordt bepaald:
-
Hoeveel snijverlies ontstaat;
-
Hoeveel verpakkingsmateriaal vrijkomt;
-
Welke materialen kunnen worden hergebruikt;
-
Welke stromen eenvoudig te recyclen zijn;
- Welke materialen uiteindelijk problematisch blijken.
De blauwdruk noemt verschillende maatregelen die al vóór de uitvoering impact maken, zoals werken met standaardmaten, inzetten op prefab, retourafspraken voor verpakkingen en het vermijden van materialen waarvoor nauwelijks verwerkingsmogelijkheden bestaan.
Dat zijn geen afvalmaatregelen, het zijn ontwerp- en inkoopkeuzes. En precies daarom worden veel afvalkosten veroorzaakt voordat de eerste container op de bouwplaats verschijnt.
Waarom begint sturing niet op de bouwplaats, maar in het bestek?
Een interessant aspect van bouwafval is dat stromen elkaar beïnvloeden.
Een schone materiaalstroom heeft vaak veel meer verwerkingsmogelijkheden dan een vervuilde stroom. Zodra materialen worden vermengd, ontstaat waardeverlies. Dat geldt voor hout, verpakkingen, isolatiematerialen en verschillende andere stromen die regelmatig voorkomen op bouwplaatsen
Dat betekent dat een ogenschijnlijk kleine keuze grote gevolgen kan hebben.
-
Een onhandige verpakkingsoplossing.
-
Een materiaal dat lastig te scheiden is.
-
Een ontbrekende retourafspraak.
-
Een materiaalstroom die nergens expliciet eigenaar van is.
Wat betekenen PPWR, CMP en OVAM voor bouwbedrijven?
De aandacht voor materiaalstromen groeit niet alleen vanuit de praktijk.
Ook regelgeving beweegt die kant op.
De Europese Packaging and Packaging Waste Regulation (PPWR) legt meer nadruk op verpakkingen, hergebruik, recyclebaarheid en afvalpreventie. Daarmee worden verpakkingsstromen voor bouwbedrijven in zowel Nederland als België steeds relevanter. Meer informatie hierover is beschikbaar via de Europese Commissie.
In Nederland zien we daarnaast ontwikkelingen zoals het Circulair Materialenplan (CMP), dat meer aandacht vraagt voor preventie, materiaalgebruik en circulariteit gedurende de levenscyclus van materialen. In Vlaanderen stimuleert OVAM via Circulair materialenbeheer en Circulair ontwerpen en (ver)bouwen een vergelijkbare beweging richting grondstofbehoud, hergebruik en hoogwaardig materiaalgebruik.
Wat deze ontwikkelingen gemeen hebben? Ze maken zichtbaar waar grondstoffen verloren gaan.
Welke keuzes bepalen hoeveel bouwafval ontstaat?
Veel organisaties weten precies hoeveel afval ze afvoeren. Maar veel minder organisaties weten welke keuzes dat afval hebben veroorzaakt. En precies daar ligt de grootste kans.Want wie begrijpt waarom materialen hun waarde verliezen, kan eerder sturen. Op ontwerp. Op bestekken. Op inkoop. Op logistiek. Op verpakkingen. Op leveranciers. En uiteindelijk ook op kosten. De vraag is daarom niet alleen hoeveel afval een bouwplaats produceert.
De interessantste vraag is:
Welke keuzes zorgen ervoor dat dat afval ontstaat?
Veel organisaties kijken naar afval zodra het ontstaat. De koplopers kijken naar de keuzes die ervoor zorgen dat het ontstaat. En precies daar begint grip op grondstoffen.
Hoeveel grip heb jij op materiaalstromen?
Veel organisaties weten hoeveel containers worden afgevoerd. Maar waar ontstaat materiaalverlies precies? Welke materiaalstromen vertegenwoordigen de meeste waarde? En welke keuzes hebben de grootste invloed op afval, kosten en circulariteit?
Binnenkort verschijnt de checklist Grip op grondstoffen op de bouwplaats. Daarmee krijg je inzicht in waar grondstoffen verloren gaan, welke materiaalstromen extra aandacht verdienen en waar de grootste kansen liggen om meer waarde in de keten te houden. Schrijf je alvast in, en ontvang de checklist zodra deze gereed is.
Veelgestelde vraag over afval op de bouwplaats
Duurzaam bouwen is bouwen waarbij grondstoffen zo effectief mogelijk worden gebruikt, van ontwerp en inkoop tot uitvoering. Juist die eerste keuzes, over materialen, verpakking en logistiek, bepalen grotendeels hoeveel afval ontstaat en hoeveel waarde verloren gaat.
Ontwerp-, inkoop- en logistieke keuzes bepalen grotendeels welke reststromen ontstaan en hoeveel materiaal verloren gaat. Zodra de eerste container op de bouwplaats staat, liggen de belangrijkste beslissingen al vast, dus liggen de meeste besparingen ook vóór de uitvoering.
A-hout is onbehandeld en schoon hout, B-hout is licht behandeld (geverfd of gelijmd) en C-hout is verontreinigd of geïmpregneerd hout. Blijven deze stromen op de bouwplaats gescheiden, dan is hoogwaardige verwerking mogelijk. Worden ze gemengd aangeboden, dan neemt de waarde snel af.
Een relatief kleine groep stromen bepaalt een groot deel van de kwaliteit van bouwafval: PIR/PUR-isolatie, gemengd hout, EPS, verpakkingsfolies en samengestelde materialen. Zodra deze vervuild raken of vermengd worden met andere stromen, wordt hoogwaardige verwerking lastiger.
Denk aan werken met standaardmaten, inzetten op prefab, retourafspraken maken voor verpakkingen en materialen vermijden waarvoor nauwelijks verwerkingsmogelijkheden bestaan. Dit zijn ontwerp- en inkoopkeuzes, geen afvalmaatregelen, maar ze bepalen wel hoeveel afval er straks ontstaat.
Op de hoogte blijven
Volg ons op LinkedIn. Hier delen we het laatste nieuws over regelgeving, circulaire thema's en ontwikkelingen uit de branche. Abonneer je daarnaast op de nieuwsbrief en beluister onze podcast Grondstof tot nadenken tijdens een wandeling of onderweg. Benieuwd wat Milgro voor jouw bedrijfsvoering en afvalproces kan betekenen? Neem dan contact op.





